“Onderzoek alles kritisch en behoud het goede”

Ex Duplo: Promotie mr.drs. B.J. (Bas) de Jong

Door Geert Koster

Op 2 juni 2010 promoveerde Bas de Jong op het proefschrift ‘Schade door misleiding op de effectenmarkt’. Bas was in 1998 een van de eerste deelnemers aan het mr.drs.-programma. Ook zijn proefschrift heeft raakvlakken met zowel zijn studie economie als – voor het overgrote deel – zijn studie Nederlands recht. Reden te meer om met de jonge doctor terug te blikken op zijn studies, zijn tijd als promovendus en zijn proefschrift.

De mr.drs.-studenten van het eerste uur kennen Bas nog, wellicht van zijn vele artikelen die hij schreef als redacteur van de Duplomaat, wellicht als student-assistent bij het vak Methoden en technieken, maar misschien ook van een van de activiteiten van In Duplo. Bestudering van zijn curriculum vitae leert dat hij cum laude is afgestudeerd in zowel Nederlands Recht (2004) als Economie (2003). Daarna heeft hij de onderzoeksmaster van het Tinbergen Instituut gevolgd om in september 2004 op de Radboud Universiteit te Nijmegen aan zijn proefschrift te beginnen. In 2009 verbleef hij vier maanden in New York voor onderzoek aan de Columbia Law School.

Het proefschrift van Bas gaat over schade door misleiding op de effectenmarkt. Het klassieke voorbeeld is wel de misleidende prospectus van World Online. In dit prospectus stonden een aantal zaken over World Online en haar topvrouw, die – kort gezegd – niet strookten met de werkelijkheid. Beleggers hebben mede op basis van deze (achteraf) onjuiste informatie hun beleggingsbeslissing genomen. Zoals bekend maakte het aandeel World Online direct na introductie een duikvlucht. Daarna hebben de benadeelde beleggers World Online en de begeleidende banken aangesproken op het misleidende prospectus ter vergoeding van hun schade. Bas analyseert in zijn proefschrift deze en vergelijkbare zaken.

Zijn onderzoek is gebouwd op een tweetal pijlers: (i) het Nederlandse (algemene) aansprakelijkheidsrecht (daarbij inbegrepen de wet collectieve afhandeling massaschade), en (ii) het Amerikaanse aansprakelijkheidsrecht (waaronder de Amerikaanse class action procedure). Dan volgt de link met de economie: de schade die verband houdt met de koersontwikkeling van het aandeel van de uitgevende instelling die de misleidende voorstelling van zaken heeft gegeven. Hier beschrijft hij op basis van de Amerikaanse rechtspraktijk een raamwerk waarmee de onzuiverheid van de koers inzichtelijk gemaakt kan worden. Op basis van dit raamwerk kan geanalyseerd worden welke schade door de beleggers geleden wordt. In het volgende hoofdstuk gaat Bas in op het bewijs van de koersgerelateerde schade. Dan volgt een afsluitend hoofdstuk waarin onderzoekt in hoeverre misleidingzaken naar huidig recht zich lenen voor collectieve afwikkeling. Daarbij komt ook aan de orde of collectief schadeverhaal wenselijk zou kunnen zijn. Dit is naar huidig recht (art. 3:305a lid 3 BW) nog niet mogelijk.

Hoe kijk je terug op de Rotterdamse periode? Wat trok je meer: economie of rechten?

Achteraf terugkijkend, vind ik mijn Rotterdamse studententijd de mooiste tijd van mijn leven, door de relatieve onbezorgdheid van het bestaan en de vrijheid die je hebt om jezelf te vormen. Ik weet niet precies meer wanneer het gevoel ontstond, maar na vier jaar was voor mij toch wel tamelijk duidelijk dat rechten mij meer trok dan economie. Ik vond en vind de (algemeen) economische wetenschap zoals ik die bij het Tinbergen Instituut had gezien te wiskundig en technisch. Daardoor dreigt het gevaar dat de economische wetenschap niet meer over de werkelijkheid gaat. Daarnaast vond ik economie soms wat steriel. Ik houd van het normatieve in het recht.

Hoe kwam je op de beslissing om te gaan promoveren op een juridisch gebied? Gezien je master op het Tinbergen-Instituut lag een economisch onderwerp ook voor de hand?

Bij het Tinbergen Instituut was ik afgeknapt op de in mijn ogen soms geforceerd modelmatige benadering van de zoveelste variatie op een basisidee van econoom X of Y. Elk paper dat je las, begon in paragraaf twee met ‘the model’. Aangezien ik ook overigens meer aangetrokken werd door het recht, besloot ik op een juridisch onderwerp te gaan promoveren.

Hoe kwam je op het onderwerp van je proefschrift? Heb je bewust gezocht naar de combinatie van economie en rechten?

Mijn promotor – Gerard van Solinge – had destijds net een onderzoeksvoorstel klaar. Dat heette ‘collectieve acties in het ondernemingsrecht’. Het onderzoeksvoorstel sprak me aan, hoewel ik het voorstel later ingrijpend heb herzien om meer interessante dogmatische kwesties aan te snijden. Inderdaad zocht ik naar een combinatie van rechten met economie, zowel uit belangstelling, maar ook uit strategische overwegingen. Je moet natuurlijk ook je sterktes uitbuiten. Veel juristen lopen met een grote boog om complexe feitelijke en juridische problemen op financiële markten heen. Ik kon mooi in het gat springen dat er nog was. Het moeilijke daarvan was overigens wel dat ik met weinig mensen echt goed inhoudelijk kon sparren.

In je proefschrift vergelijk je Nederlands en Amerikaans recht. Wat zijn de grootste verschillen op dit gebied?

In de Verenigde Staten heeft men zoveel meer ervaring met effectenrechtelijke claims, wat ook terug te zien is in de rijke verzameling rechtspraak. De kapitaalmarkt is daar natuurlijk groter en beleggers hebben anders dan in Nederland de mogelijkheid om een damages class action te starten. Ik had verder de indruk dat Amerikaanse juristen wat minder dogmatisch/rechtssystematisch denken en schrijven dan Nederlandse juristen, althans op het gebied van het effectenaansprakelijkheidsrecht.

Hoe stel je de koersgerelateerde schade vast die beleggers hebben geleden? De koers kan bijvoorbeeld ook dalen door externe economische factoren, dus niet alle koersgerelateerde schade hoeft gelegen te zijn in de misleidende informatie?

Ja, dat is erg lastig. Ik heb gekeken hoe men in de Amerikaanse rechtspraktijk werkt met ‘event-studies’ om het effect van misleidende informatie te isoleren van algemeen-economische, sectorspecifieke en niet aan de misleiding gerelateerde bedrijfsspecifieke informatie. Dat is natuurlijk geen exacte wetenschap. Gelukkig is dat ook niet vereist in het recht.

Heb je nog aanbevelingen voor de wetgever in Nederland?

De materie die ik beschrijf leent zich wat minder goed voor gedetailleerde wetgeving. Je zou nog wel kunnen denken aan een wettelijke schadebegrotingsmaatstaf. Daarvoor zag ik echter geen grote noodzaak. Hetzelfde geldt voor een zwaar opgetuigde set regels voor collectief schadeverhaal. Met de bestaande mogelijkheden komen we al een heel eind in de goede richting.

Wat zijn je toekomstplannen? Op welk onderzoeksgebied wil je je gaan richten?

Ik blijf als universitair docent verbonden aan de Nijmeegse faculteit. Mijn proefschrift bevindt zich op het snijvlak van het aansprakelijkheidsrecht, procesrecht, effectenrecht, ondernemingsrecht en de rechtseconomie. Dat biedt veel mogelijkheden voor verder onderzoek. In eerste instantie zal ik mij gaan bezighouden met internationalisering van het ondernemingsrechtelijke onderzoek in Nijmegen.

Wil je nog iets meegeven aan de mr.drs.-student van tegenwoordig?

Profiteer en geniet van de vrijheid. Maak daar gebruik van om jezelf integraal te vormen, menselijk, spiritueel en intellectueel. Het is verder van belang om een kritische houding te hebben ten opzichte van het lesmateriaal en de colleges. Geloof niet zonder meer dat wat in de standaardwerken staat, of wat de Hoge Raad zegt, de enige waarheid is. Onderzoek alles kritisch, en behoud het goede.

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>